Hoe verschilt de roof van cultuurgoederen tijdens een volkerenmoord van gewone diefstal? Wat kunnen objecten vertellen over de Holocaust en de mensen die het meemaakten?

Tussen 1933 en 1945 vindt een van de grootste georganiseerde roofacties plaats, gericht tegen Joden en andere minderheden. De nazi’s onteigenden massaal privébezit, van alledaagse spullen tot kunstwerken, als onderdeel van hun vernietigingspolitiek. Allemaal met het doel om mensen te vernederen en hun rechten te ontnemen. In 1945 wordt dit erkend als een misdaad tegen de menselijkheid. Herkomstonderzoek probeert te achterhalen of objecten in de collectie van het Rijksmuseum zijn geroofd of onder dwang kwijtgeraakt van mensen in deze extreme context van geweld. Veel bewijs hiervoor is verloren gegaan, maar dankzij herkomstonderzoek ontdekken we opnieuw fragmenten van de levens en de sporen die de nazi’s probeerden te wissen. Dit onderzoek onthult verhalen van vervolging en biedt kansen om in gesprek te gaan over onrecht, zowel met nazaten als met het publiek.