Het werk dat mensen doen, is door de tijd heen sterk veranderd.

De eerste mensen trekken rond als nomaden. Ze jagen, vissen, verzamelen voedsel en verhuizen als de voedselvoorraad op is. De taken zijn verdeeld op basis van geslacht en leeftijd: mannen jagen vooral, terwijl vrouwen verzamelen. Ongeveer 8000 jaar geleden beginnen mensen met landbouw en veeteelt. Technieken verbeteren, bomen en struiken worden gekapt voor landbouwgrond en langs rivieren ontstaat irrigatielandbouw. Mensen gaan op één plek wonen, waardoor verschillende ambachten en specialisaties ontstaan. Met de komst van door brandstof aangedreven machines begint rond 1870 de industrialisatie in Nederland. Werk wordt meer gestructureerd en productieprocessen worden opgedeeld in stappen. Na de introductie van computers en chips begint de postindustrialisatie. Taken die door mensen werden gedaan, worden nu door machines overgenomen. Hierdoor verschuift werk steeds meer naar dienstverlenende sectoren.