Willem Drees (1886-1988) maakt carrière in Den Haag als lid van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij, die later de PvdA zou worden.

De politicus klimt op langs een lange ladder van verschillende functies: gemeenteraadslid, wethouder, Kamerlid. In het eerst gekozen kabinet na de oorlog wordt Drees aangesteld als minister van Sociale Zaken. Met zijn noodwet-Drees, een voorziening van vaste uitkeringen, helpt hij ouderen uit de financiële nood. Drees is populair en wordt in 1948 minister-president. Aan hem de taak om de wederopbouw van Nederland goed aan te pakken. Drees blijkt de juiste man op de juiste plaats. Met een gevoel voor saamhorigheid wordt Nederland opnieuw opgebouwd. Onder leiding van Drees, tot 1958, ontstaat de basis van de moderne verzorgings- en welvaartsstaat Nederland. Tot op de dag van vandaag wordt de staatsman gewaardeerd om zijn inspanningen voor Nederland.